Monic Slingerland − 23/12/09, 00:00 Bron: Trouw
Tegen Kerst vragen we de spelers van het theologisch elftal niet om commentaar te geven op een actuele kwestie, maar om te dromen. Hoe ziet hun hemel eruit? Manuela Kalsky en Henk Leegte laten zich verleiden tot verbeelding.

Als kind, vertelt Manuela Kalsky, kwam de hemel in beeld toen haar oma stierf. „Ik was toen een jaar of zes en kan me nog goed herinneren dat ik drie dingen wilde weten. Ten eerste, waar oma nu was. Ze was in de hemel bij God, luidde het antwoord. Had ze nu net als een engel vleugels?, wilde ik weten. Daarop kreeg ik geen bevredigend antwoord. Ik weet nog dat ik toen dacht: dat weten de volwassenen zelf niet. Ik besloot dat dan later maar zelf uit te zoeken. En mijn derde vraag – en die krijg ik tot op de dag van vandaag nog met grote hilariteit te horen – was: en wie krijgt nu oma’s pensioen? Als je dood bent krijg je geen pensioen meer, was daarop het heldere antwoord. Als je in de hemel bent, heb je kennelijk geen geld meer nodig. Dat was een feit. Klaar.’’

Henk Leegte krijgt de hemel op zijn pad in het pastoraat, wanneer hij als doopsgezind predikant mensen begeleidt op weg naar de dood. „Mijn uitgangspunt is de tekst die we hier iedere viering uitspreken: God die niet laat varen het werk van zijn handen en die trouw houdt tot in eeuwigheid. Over het hiernamaals kunnen we alleen fantaseren met beelden uit de werkelijkheid. Van Nico ter Linden heb ik geleerd dat er vruchtbare en onvruchtbare hiernamaalsfantasieën zijn.’’
De voorstelling die mensen van het hiernamaals hebben, zegt alles over hoe ze nu in het leven staan. Henk Leegte: „Mensen die een strenge, oordelende God in gedachten hebben, staan vaak zelf ook zo in het leven, zijn streng voor anderen. Van anderen hoor je dat ze zich de hemel voorstellen als een plaats waar ze met anderen aan tafel zitten en waar genoeg is voor iedereen.’’
Hoe stelt Henk Leegte zich zelf de hemel voor? „Hett is ingewikkeld dat zo even te zeggen. Ik denk aan het vers van Martinus Nijhoff: ’Ik denk wel dat wij eeuwig leven want eens gegeven blijft gegeven’.’’

Manuela Kalsky, hoofdredacteur van website Nieuwwij.nl en directeur van het Dominicaans Studiecentrum, bekent dat ze zich na haar kindertijd nauwelijks nog met de hemel heeft beziggehouden. Tot ze theologie ging studeren en de hemel, nu met de hel erbij, weer in zicht kwam. „Voor mij is de hemel een grote open ruimte, die uitnodigt tot verbeelding.’’ Ook zij laat zich inspireren door poëzie, in haar geval door de Poolse dichteres Wislawa Szymborska, die haar gedicht ’Hemel’ begint met: ’Een raam zonder vensterbank, kozijn of ruiten. Een opening en niets daarbuiten, maar wijd open’.

Een verbeelding van de hemel, door religieuze motieven gedreven, zegt Henk Leegte, is die van het islamitisch paradijs met de zeventig maagden. Hij heeft daar wel een kanttekening bij: „Dan vind ik dat de martelaren die zich zo de hemel voorstellen, ook hun slachtoffers daar moeten willen aantreffen.’’

We fantaseren nog even door op de hemel met de maagden die ter beschikking staan. Hoe is het voor die maagden? Hoeveel vrijheid hebben zij in deze hemel? Hoe paradijselijk is het, als zij gedwongen zijn hun diensten te verlenen?
Henk Leegte: „We weten natuurlijk niets zeker over de hemel. Maar bijbels gezien is er geen sprake van een privéhemel. Dus ook geen privéhemel voor martelaren. Als ze slachtoffers gemaakt hebben, zijn die daar ook.’’

Manuela Kalsky denkt bij hemel aan het vrederijk, de nieuwe hemel en de nieuwe aarde zoals beschreven in het bijbelboek Jesaja. „De wolf en het lam liggen bij elkaar, de panter naast het bokje. Ik lees daarin het opheffen van vijandigheid. Dat is een visioen, waar je niet passief op moet wachten onder het mom van ’stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw’. Je moet ook zelf iets doen. God en mensen werken samen aan gerechtigheid, aan een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Dat heb ik van het jodendom geleerd. Mooi vind ik die verantwoordelijkheid die je daar als mens hebt gekregen: meebouwen aan het rijk van God, hoe moeilijk ook.’’
Daarbij denkt ze aan heel concrete dingen. „De apocalyps uit het bijbelboek Openbaring is benauwend actueel als je aan de klimaattop in Kopenhagen denkt. De aarde vergaat. Het zal toch niet? Het rampenscenario van Johannes komt dan wel heel dichtbij en krijgt iets beklemmends. Het is misschien niet zo’n fijne boodschap met Kerst, maar we moeten wel iets doen. Ons is vrede op aarde beloofd met de geboorte van het Kind in Bethlehem, maar we moeten ook iets met die belofte doen.’’
Is de hemel voor haar een plaats om de dierbare overledenen weer te ontmoeten? Manuela Kalsky: „Nee, daar geloof ik persoonlijk niet in. Voor mij is de hemel niet zozeer een plaats, maar eerder een horizon. Een beeld om je op te richten als je naar gerechtigheid zoekt. De hemel ligt altijd in de toekomst, altijd voor ons. Je zult hem nooit bereiken.”

Hoe is dat voor Henk Leegte? „Dat verlangen om de ander weer te zien, is wel begrijpelijk. En ook gerechtvaardigd, als dat ingegeven is door de wens dat die ander het daar, in het hiernamaals, goed heeft. Het maakt wel uit, of je vooral voor jezelf het verlangen hebt, die ander te zien, of dat je verlangen is, dat die ander het goed maakt. Daarmee komen we weer op vruchtbare en onvruchtbare hiernamaalsfantasieën. Zelf verlang ik er wel naar, sommige anderen iets te vragen. Wat was dat nou, zou ik willen vragen aan mensen, na suicide. Wat was dat nou, want we zitten er maar mooi mee. Dus dat verlangen, na de dood anderen te ontmoeten, dat ken ik wel. Maar hoe het daar is, dat weten we niet. Heel anders dan hier, zegt die monnik die volgens het verhaal is teruggekomen. Totaliter aliter. Ik moet ook denken aan die twee Joodse mannen die op een terras zitten te drinken en die fantaseren over de hemel. De een stelt zich voor dat het precies is als nu, alleen hoef je niet te betalen voor je drankje. De ander denkt dat het precies is als nu, en dat Hitler voorbij komt lopen, en dat ze gewoon doorpraten. Dat is voor mij een vruchtbare hiernamaalsfantasie. Zo onthecht, zo verzoend. Onmogelijk.’’

De hemel, droomt Manuela Kalsky, „is iets waar ik op af ga. Niet omdat het moet, maar uit vrije wil. Vanuit een verlangen naar verandering. Dat ik er iets voor mag doen, is een geschenk. Bezield handelen is pure genade”.
primi sui motori con e-max

Contact

DSTS / Project W!J
Nieuwe Herengracht 18
1018 DP Amsterdam

Secretariaat:
mw Heleen Ransijn:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
+31 (0)20-6235 721