Monic Slingerland − 02/06/10, 00:00 Bron: Trouw
Kenmerkt de verkiezingstijd zich door eigenbelang, of is er ook ruimte voor een meer sociale instelling?
Verkiezingstijd lijkt de beste voedingsbodem voor het eigenbelang. Zo proberen politici kiezers te winnen door bijvoorbeeld een zo gunstig mogelijk beeld te geven van de hypotheekrenteaftrek. En bezuinigen kan best wel door te korten op ontwikkelingshulp.
Idealisme is in de verkiezingsretoriek ver te zoeken, knikt Alja Tollefsen, oud-katholiek priester. Nu is het benoemen van grotere waarden toch al niet erg in zwang in de huidige samenleving, stelt ze vast. In verkiezingstijd lijkt het alsof het algemeen belang nog meer in de verdrukking komt en vooral het eigen belang richtinggevend is. Toch ziet ze juist in verkiezingstijd, met ook nog de economische crisis op de achtergrond, een mogelijkheid voor een meer sociale instelling. „Zo’n onderwerp als de hypotheekrenteaftrek dwingt je wel om een afweging te maken tussen je eigen portemonnee en het grotere belang.”

Manuela Kalsky valt over de term idealisme. „In dit verband klinkt idealisme me te dromerig. We hebben een visie op de toekomst nodig. En die ontbreekt in het verkiezingsdebat. Het gaat alleen maar over de economie, en over de korte termijn. Dat gepraat over onze eigen portemonnee versmalt ons wereldbeeld. We moeten verder kijken dan financieel eigenbelang.”
„Nou vooruit, laten we de term principes gebruiken,” stelt Alja Tollefsen voor. „Dan nog geeft deze tijd van crisis, waarin het om de economie lijkt te draaien, ons de kans, te laten zien wat onze principes ons waard zijn. Kijk, als alles van een leien dakje gaat, is het niet moeilijk om idealen te hebben, of een principieel uitgangspunt dat je solidair wilt zijn met bijstandmensen of mensen die zorg nodig hebben. Maar als je eigen portemonnee ook geraakt wordt en je een keuze moet maken, dan is dat een mooie testcase om te zien hoeveel die principes je waard zijn.”

In de publieke debatten in aanloop tot de verkiezingen mist Alja Tollefsen concrete, praktische voorstellen om de zorg beter af te stemmen op de gebruikers ervan, zonder dat dit meer kost. „Hier in huis hebben we er inmiddels enige ervaring mee, maar je merkt hoe inefficiënt het is. Je vraagt een voorziening aan, en tegen de tijd dat je die krijgt, is die alweer overbodig geworden, ingehaald door de ontwikkelingen. Dat is een verspilling van geld en tijd. Dat moet efficiënter kunnen en met die efficiency kan een hoop geld bespaard worden, lijkt me. Of neem hergebruik van middelen. Nu excuseren de zorginstellingen zich als je een tweedehands hulpmiddel krijgt, maar wat mij betreft is daar niets mis mee. Meer hergebruik, dat is goedkoper en het werkt net zo goed. Zo kun je een crisis gebruiken om beter te werken zonder dat het duurder is.”

Dat kan in de zorg misschien, maar duurzaamheid vraagt om investeringen, weet Manuela Kalsky. „Dat vertellen politici liever niet in verkiezingstijd. Een duurzame economie richt zich niet op ’meer’. En het kost ook nog geld om nieuwe technologieën te ontwikkelen. Maar de vraag is niet: kunnen we het betalen, die investeringen in zonne-energie. We zullen wel moeten, als we tenminste willen dat onze kinderen en kleinkinderen ook nog prettig op deze aardbol kunnen leven.”

Ze was twee weken geleden in München bij de oecumenische Kirchentag, samen met 130.000 andere bezoekers. „Daar zag ik projecten waarmee kinderen leren om bewust met het milieu en met energie om te gaan. Ze kregen bijvoorbeeld een warmtecamera mee, waarmee ze kunnen testen hoeveel warmte er in gebouwen verloren gaat. En dan moeten ze een plan maken hoe je dat kunt voorkomen. Dat is niet alleen nuttig, maar ook heel leuk. Meer bewustzijn kweken over duurzaam omgaan met het milieu is geen moralisme, maar het nemen van verantwoordelijkheid. Niet alleen voor je eigen huis, maar ook voor de huizen van anderen, wereldwijd en voor de komende generaties.”

Opvoeding is inderdaad een instrument om solidariteit te kweken, zegt Alja Tollefsen. „Je ziet wel dat mensen hun kinderen opvoeden met de boodschap dat ze hun eigen zaken moeten regelen, want een ander doet het niet voor je. Die instelling zie je ook wel terug in de kerk. Ieder bemoeit zich met zijn eigen zaken. Dat is toch niet goed, de solidariteit ontbreekt. Je moet er wel een prijs voor betalen, om die idealen hoog te houden, integer te blijven, je aan gemaakte afspraken te houden. Dat komt onder druk te staan in crisistijd.”

Hoe de kiezers in crisistijd de milieubelangen wegen, ziet Manuela Kalsky met verontwaardiging aan. „De partij die het slechtste programma heeft voor duurzaamheid is de VVD. Juist die staat er volgens de peilingen het best voor. Het lijkt wel of niet alleen de politici weinig geleerd hebben van de financiële crisis en de daarbij behorende egocentrische graaicultuur, maar dat ook de kiezers er geen consequenties uit hebben getrokken. Onbegrijpelijk. Er is geen retro-beweging nodig, geen terug naar vroeger, maar een nieuwe visie voor de toekomst. De enige partij die duurzaamheid prominent in het verkiezingsprogramma heeft staan, is GroenLinks. .”

Levensbeschouwelijke instellingen, zoals kerken, zijn pijnlijk zwijgzaam in de debatten over de toekomst van de samenleving, en over programma’s om deze in te richten, meent Manuela Kalsky. „Er zijn genoeg ’heilige teksten’ die stof bieden voor een visie op de toekomst en op de manier om te waken over de aarde, in plaats van die uit te buiten. Waar blijven de theologen? We hebben een nieuwe ethiek nodig, die laat zien dat geluk niet afhankelijk is van economische groei, maar van de vrijheid om je zelf te beperken. Kerken en theologen hebben een belangrijke inbreng in deze. Ik zou zeggen: grijp je kans. De tijd is er rijp voor.”

„Idealisme”, mijmert Alja Tollefsen, „groeit niet als het ons voor de wind gaat, maar vooral in oorlogstijd.”
„Als er oorlog om drinkwater en ruimte om te leven ontstaat, is het te laat”, waarschuwt Manuela Kalsky. „Nu al kunnen mensen op sommige plaatsen het water niet meer drinken omdat het te zout is en zijn mensen in China en Bangladesh op de vlucht voor het stijgende water. Een groeiend oppervlakte van de aarde is niet meer geschikt voor de landbouw. Er zullen nieuwe grote migratiestromen op gang komen, waar we ook in Europa mee zullen worden geconfronteerd. We moeten een duurzame economie en milieupolitiek bevorderen om dat te voorkomen. En daarvoor hebben we niet de oude maar een nieuwe manier van denken nodig.”
primi sui motori con e-max

Contact

DSTS / Project W!J
Nieuwe Herengracht 18
1018 DP Amsterdam

Secretariaat:
mw Heleen Ransijn:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
+31 (0)20-6235 721